Ga naar inhoud
De overgang en leefstijl - Dr Maaike de Vries en gyneacoloog Dr Manon Kerkhof Inschrijven
Wetenschap

Reumatoïde artritis en leefstijl

Kernboodschap: Gecombineerde leefstijlaanpassingen (voeding, beweging, stressmanagement en slaap) verminderen bij mensen met reumatoïde artritis pijn en ziekteactiviteit, zo blijkt uit de Nederlandse studies Plants for Joints en Leef! met Reuma - als aanvulling op medicatie, niet als vervanging ervan.

Gepubliceerd: Bijgewerkt:
Reumatoïde artritis en leefstijl

Reumatoïde artritis (RA) treft jaarlijks duizenden Nederlanders en heeft een grote impact op het dagelijks leven door pijn, stijfheid en vermoeidheid. De behandeling met reumamedicijnen is vaak effectief in het reduceren van ontstekingen, maar biedt lang niet altijd volledige verlichting – slechts 10-20 procent van de patiënten bereikt duurzame remissie waarbij de medicatie volledig kan worden afgebouwd. Veel patiënten blijven dus klachten houden ook als de gewrichtsontstekingen rustig zijn met medicatie. Er gloort echter hoop. Recent wetenschappelijk onderzoek toont aan dat leefstijlfactoren niet alleen het risico op het ontwikkelen van RA beïnvloeden, maar ook klachten kunnen verminderen en dus een welkome aanvulling zijn op de huidige medicamenteuze behandeling. Van voeding en beweging tot stressmanagement en slaap – de juiste leefstijlkeuzes kunnen een grote bijdrage leveren in het beloop van de ziekte.

Kernpunten uit dit artikel (16 minuten leestijd)

  1. Prevalentie Reumatoïde artritis (RA) treft 277.000 Nederlanders, komt vaker voor bij vrouwen, en neemt wereldwijd toe met 14 procent sinds 1990.
  2. Oorzaken RA ontstaat door een combinatie van genetische aanleg (2-5x hoger risico bij eerstegraads familieleden), immuunsysteemverstoringen en leefstijlfactoren.
  3. Behandelbeperkingen Medicatie is effectief tegen ontstekingen maar biedt geen genezing; slechts 10-20 procent bereikt duurzame remissie en veel patiënten houden klachten ondanks medicatie.
  4. Overgewicht Overgewicht vergroot het risico op RA met 25 procent, vermindert de effectiviteit van medicijnen en maakt remissie moeilijker te bereiken.
  5. Voeding Gezonde voeding verlaagt het risico op RA met 40 procent. Omega 3-supplementen hebben bewezen effecten voor symptoomverlichting. Het mediterraans dieet is veelbelovend en bij het veganistische dieet zijn de resultaten tegenstrijdig.
  6. Beweging Regelmatige lichaamsbeweging verlaagt risico op RA met 35 procent en gaat bij bestaande RA pijn, vermoeidheid en bewegingsbeperkingen tegen.
  7. Zonlicht Weinig zonblootstelling verhoogt risico op RA met 27 procent, vermoedelijk door te weinig vitamine D-productie, maar supplementen tonen geen bewezen effect op de ziekteactiviteit.
  8. Slaap Verstoorde slaap vergroot het risico op RA met 33-38 procent en creëert een vicieuze cirkel met pijn. Verbetering van de slaapkwaliteit kan symptomen verlichten.
  9. Stress Chronische stress vergroot het risico op RA aanzienlijk (76 procent bij PTSD-symptomen). Psychologische interventies tonen een matig tot sterk positief effect op pijn en vermoeidheid.
  10. Roken Roken vergroot het risico op RA met 40 procent en verklaart 20-25 procent van alle gevallen. Stoppen vermindert de ziekteactiviteit en verbetert de medicijnwerking.
  11. Alcohol Alcoholgebruik heeft een complexe relatie met RA. Matig gebruik verkleint het risico met 14 procent, terwijl overmatig gebruik symptomen kan verergeren, vooral bij bepaalde medicatie.
  12. Leefstijlprogramma’s De Nederlandse studies Leef! met Reuma en Plants for Joints laten zien dat gecombineerde leefstijlinterventies leiden tot langdurige verbeteringen wat betreft pijn, stijfheid en ziekteactiviteit.
  13. Effectiviteit Een gecombineerde aanpak gericht op gewicht, voeding, beweging, stress, slaap en roken biedt mensen met RA de mogelijkheid om zelf invloed te hebben op hun ziekteverloop naast medicatie.

1. Wat is ontstekingsreuma en hoe vaak komt het voor?

Bij reumatoïde artritis (RA) ontstaan gewrichtsontstekingen. Het is een auto-immuunziekte, waarbij het afweersysteem zich tegen het eigen lichaam keert. Meestal begint RA in de gewrichten van handen en voeten, die pijnlijk, gezwollen en stijf worden. Zonder behandeling kunnen de ontstekingen leiden tot permanente gewrichtsschade en misvormingen (ReumaNederland).

RA kan sluipend beginnen of plotseling ontstaan. Het is een chronische aandoening met een wisselend verloop: perioden waarin iemand (veel) last heeft van gewrichtsontstekingen worden afgewisseld met perioden waarin er weinig of geen ontstekingen zijn. De ziekte kan op alle leeftijden voorkomen, maar de eerste symptomen treden meestal op middelbare leeftijd (50 tot 60 jaar) op. Vrouwen worden twee tot drie keer vaker getroffen dan mannen (FMS).

Reumatoïde artritis komt helaas veel voor: in 2023 waren er 277.000 mensen met deze aandoening in Nederland (Vzinfo). Wereldwijd neemt het aantal mensen met RA toe (14 procent stijging sinds 1990) en de verwachting is dat het verder zal stijgen (GBD 2021).

2. Oorzaken van reumatoïde artritis

Reumatoïde artritis (RA) is een auto-immuunziekte waarbij het immuunsysteem per ongeluk het eigen lichaam aanvalt, in het bijzonder de gewrichten. De precieze oorzaak van RA is nog niet volledig bekend, maar uit onderzoek blijkt dat het een samenspel is van genetische aanleg, leefstijl en immuunsysteemverstoringen.

  • Genetische factoren Mensen met bepaalde genetische varianten (vooral het HLA-DRB1-gen) hebben een verhoogde kans op RA. Erfelijkheid speelt echter maar een kleine rol. Als de ziekte in een gezin (vader, moeder, broer of zus) voorkomt is de kans 2 tot 5 keer groter dat een ander gezinslid het ook krijgt (Romao, 2021), desondanks blijft zelfs dan de kans klein dat je RA krijgt: 2 tot 3 per duizend personen (normaal is 0,5 tot 0,8).
  • Immuunsysteemverstoringen Bij RA raakt het immuunsysteem ontregeld en valt het lichaam zijn eigen gewrichtsweefsel aan. De vorming van antistoffen speelt daarbij een belangrijke rol. De antistoffen kunnen vaak al jaren vóór de eerste symptomen in het bloed aanwezig zijn.
  • Leefstijl Bij RA speelt de leefstijl een grote rol. Overgewicht, een ongezond dieet, weinig beweging, weinig zonlicht, een verstoorde slaap, stress, roken en overmatig alcoholgebruik zijn allemaal risicofactoren voor het krijgen vanRA. Hierover meer in paragraaf 4.

3. Beperkingen van medicamenteuze behandelingen

De behandeling van RA bestaat voornamelijk uit medicatie die de ontstekingen onderdrukt, zoals DMARD’s (bijvoorbeeld methotrexaat, sulfasalazine) en biologische middelen. De medicamenteuze therapieën zijn effectief in het afremmen van de ziekte, maar genezen de ziekte vaak niet. Veel patiënten houden klachten.

3.1 Slechts 10-20 procent van de patiënt kan worden genezen

RA keert vaak terug zodra de medicatie wordt gestaakt. Slechts een klein deel van de patiënten (ongeveer 10 tot 20 procent) bereikt een duurzame remissie waarbij alle medicatie gestopt kan worden. Met andere woorden, bij 80 tot 90 procent van de mensen is voortdurende behandeling nodig om de ziekte onder controle te houden (Verstappen, 2020).

3.2 Veel patiënten houden klachten

De therapeutisch opties voor de behandeling van RA zijn de afgelopen jaar sterk uitgebreid met als gevolg dat we de ziekte veel beter onder controle kunnen brengen. Ondanks dat niet alle patiënten even goed reageren op de verschillende reumaremmers, kunnen over het algemeen alle gewrichtsontstekingen bij nagenoeg iedere RA patiënt weg worden behandeld. Toch blijven veel patiënten ook als er geen gewrichtsontstekingen zijn last houden, wat zich uit in aanhoudende pijn, stijfheid en vermoeidheid.

4. Leefstijl en reumatoïde artritis

De leefstijl speelt een grote rol bij RA. Een ongezonde leefstijl vergroot de kans op het krijgen van de aandoening. Daarnaast kan het veranderen van de leefstijl de behandeling helpen en symptomen verbeteren. We gaan een voor een alle bekende factoren na en kijken daarbij naar twee dingen:

  • Hoe vergroot de leefstijlfactor de kans op het krijgen van RA?
  • Helpt het veranderen van de leefstijl bij de behandeling?

Voor het tweede onderdeel (behandeling) vatten we de aanbevelingen samen van een Europese taskforce (de Eular) die al het onderzoek daarover op een rijtje zette (Gwinnutt, 2023).

4.1 Overgewicht – 25 procent hoger risico

Kans op RA Mensen met overgewicht of obesitas hebben een 25 procent verhoogd risico op reumatoïde artritis (Qin, 2015). Hoe hoger het BMI (gewicht in verhouding tot lengte), en hoe langer iemand overgewicht heeft, hoe groter het risico (Lu, 2014).

Behandeling Voor mensen met RA is het belangrijk om een gezond gewicht na te streven. Overgewicht heeft namelijk een negatieve invloed op reumasymptomen zoals pijn, ontstekingen en vermoeidheid. Onderzoek laat zien dat gewichtsverlies de symptomen aanzienlijk kan verminderen. Daarnaast reageren mensen met overgewicht minder goed op bepaalde reumamedicijnen (Klaasen, 2011, Singh, 2018) en bereiken zij minder vaak langdurige remissie (Schulman, 2018).

4.2 Ongezonde voeding – 67 procent hoger risico

Kans op RA Gezond eten speelt een grote rol bij het voorkomen van reuma. Mensen die langdurig gezond eten, vooral met minder suikerhoudende frisdranken, minder zout en minder suiker, en juist meer gezonde vetten zoals omega 3-vetzuren (uit bijvoorbeeld vette vis), hebben tot 40 procent minder kans om RA te krijgen. Ook het eten van veel groenten, fruit en vezels kan het risico op reuma verkleinen (Romao, 2021).

Behandeling De sterkste bewijskracht bestaat voor het gebruik van omega 3-visolie (in hoge doseringen). Ook een mediterraan is veelbelovend, vooral als aanvulling op de reguliere behandeling. Voor een veganistisch dieet zijn de resultaten nog tegenstrijdig. Andere diëten en interventies zoals vasten of eliminatiediëten geven wisselende of tijdelijke effecten, met minder solide bewijskracht (Philippou, 2021).

Voedingsinterventie

Effect

Beschrijving effect

Bewijskracht

Omega 3-visolie supplementen

Positief

Vermindering pijn en ochtendstijfheid, gevoelige gewrichten, fysieke beperkingen en zwellingen van gewrichten. Van de ontstekingsmarkers nam alleen ESR af.

Hoog; meta-analyse van 20 RCTs met in totaal 1.288 deelnemers (Gioxari, 2018)

Mediterraans voedingspatroon

Positief

Verbeteringen vooral in subjectieve maten zoals pijn, fysieke functie en ochtendstijfheid.

Matig; 2 studies met in toaal 186 deelnemers (Hagen, 2009)

Vasten

Positief

Verbetering in subjectieve symptomen zoals pijn, ochtendstijfheid en aantal pijnlijke gewrichten.

Matig; 2 studies met een totaal van 79 deelnemers (Hagen, 2009)

Veganistisch voedingspatroon

Tegenstrijdig

Alleen voeding: geen significante effecten op pijn, fysieke functie of stijfheid. Als onderdeel van gecombineerde leefstijlinterventie: afname van ziekteactiviteit en minder pijn.

Matig; 3 studies met in totaal 192 deelnemers (Hagen, 2009; Walrabenstein, 2023)

Tabel 1 – overzicht effect voedingsinterventies

Geen van de studies onderzocht het effect van een ketogeen dieet, ondanks de bekende ontstekingsremmende effecten. Vasten heeft vergelijkbare effecten als een ketogeen dieet doordat het zorgt voor een staat van ketose in het lichaam (Su, 2013).

4.3 Onvoldoende beweging – 54 procent hoger risico

Kans op RAUit een grote studie blijkt dat mensen die regelmatig bewegen (minimaal 20 minuten per dag wandelen of fietsen en minstens 1 uur per week intensievere activiteit doen) 35 procent minder kans hebben om RA te krijgen. Ook actief huishoudelijk werk lijkt positief te werken. Omgekeerd verhoogt lichamelijke inactiviteit juist het risico (Giuseppe, 2015).

Behandeling Regelmatige lichaamsbeweging vermindert reumatische klachten zoals pijn, vermoeidheid en bewegingsbeperkingen. Zowel conditieverbeterende activiteiten (zoals wandelen of fietsen) als spierversterkende oefeningen (krachttraining) zijn nuttig. Daarbij is de aanbeveling om, naar eigen vermogen, minstens 150 minuten per week te wandelen of fietsen en twee keer per week spierversterkende oefeningen te doen (Metsios, 2015). Bovendien is bewezen dat bewegen veilig is, óók bij reuma, en het is nooit te laat om ermee te beginnen.

4.4 Weinig zonlicht – 27 procent hoger risico

Kans op RA Mensen die vaker in de zon komen hebben een lager risico om reumatoïde artritis te ontwikkelen, waarschijnlijk door de blootstelling aan UV-B-straling uit zonlicht (Arkema, 2012). Dat komt vermoedelijk doordat zonlicht zorgt voor de aanmaak van vitamine D via de huid.

Behandeling Lagere vitamine D-waarden hangen samen met hogere ziekteactiviteit (zoals pijn, ontsteking en verhoogde ontstekingswaarden zoals CRP en BSE). Hoewel deze bevindingen wijzen op een mogelijk gunstig effect van vitamine D, is er geen bewijs voor ziektevermindering door het nemen van vitamine D-supplementen.

4.5 Verstoorde slaap – 33 tot 38 procent hoger risico

Kans op RA Een chronisch slechte slaapkwaliteit verhoogt het risico op RA. In een recent onderzoek werd een U-vormige relatie gevonden tussen slaapduur en RA: zowel mensen met een zeer korte nachtrust als met extreem lange slaaptijden hadden een grotere kans op het krijgen van RA (Liu, 2024).

Behandeling Verstoorde slaap komt vaak voor bij mensen met RA en hangt sterk samen met pijn en functionele beperkingen. In een onderzoek rapporteerden mensen met meer pijn vaker een niet-optimale slaapduur (Grabovac 2018). Pijn draagt bij aan slecht slapen, en op zijn beurt draagt dat gebrek aan slaap bij aan pijn, vermoeidheid en beperkingen. Niet-medicamenteuze behandelingen zoals ontspanning, slaaprestrictie en meditatie verbeteren aantoonbaar de slaapkwaliteit (Tang, 2015), en verdienen daarom aandacht binnen de behandeling van RA.

4.6 Stress – sterk effect

Risico op RA Chronische stress en negatieve emoties komen vaak voor bij mensen met RA en kunnen hun klachten zoals pijn, vermoeidheid en bewegingsbeperkingen versterken. Stressgerelateerde problemen zijn onder andere angst, depressieve gevoelens, somberheid en een gevoel van hulpeloosheid (Nagy, 2023). Een grote studie liet zien dat vrouwen met PTSD (post-traumatic stress disorder)-symptomen 76 procent meer risico lopen op het ontwikkelen van RA (Lee, 2017).

Behandeling Het is aangetoond dat psychologische interventies zoals stressmanagement, cognitieve gedragstherapie (CGT), mindfulness en groepstherapie klachten kunnen verminderen en de kwaliteit van leven kunnen verbeteren. Een recent overzicht van alle beschikbare onderzoeken concludeert dat dergelijke interventies een matig tot sterk positief effect hebben op pijn, vermoeidheid, stressklachten en algemeen welzijn bij mensen met RA (Nagy, 2023).

4.7 Roken – 40 procent meer risico

Kans op RA Roken is een van de belangrijkste risicofactoren voor RA en verklaart ongeveer 20 tot 25 procent van alle gevallen. Bij mensen die ooit gerookt hebben ligt het risico ongeveer 40 procent hoger, en bij zware rokers zelfs nog hoger. Stoppen met roken verlaagt het risico weer geleidelijk; na 20 tot 30 jaar niet meer roken is het risico weer vergelijkbaar met dat van mensen die nooit gerookt hebben. Zelfs passief roken (meeroken) verhoogt de kans op RA, dus rookvrije omgevingen zijn ook van belang (Romao, 2021).

Behandeling Mensen met reuma die stoppen met roken ervaren vaak minder ziekteactiviteit, betere werking van medicijnen (Saevarsdottir, 2011) en minder bijkomende gezondheidsproblemen.

4.8 Overmatig alcoholgebruik – onduidelijk effect

Kans op RA Alcohol heeft een complexe relatie met RA. Regelmatige maar gematigde alcoholconsumptie lijkt het risico op RA enigszins te verkleinen (14 procent bij één glas bier of wijn per dag), terwijl overmatig gebruik of juist volledig vermijden van alcohol gepaard gaan met een groter risico (Romao, 2021).

Behandeling Hoewel matig alcoholgebruik voor sommige mensen geen directe negatieve invloed heeft, kan regelmatig of zwaar alcoholgebruik bij mensen met RA leiden tot meer klachten, zoals ontstekingen en pijn. Vooral bij bepaalde medicatie (zoals methotrexaat) of bij bijkomende aandoeningen (zoals leverproblemen of jicht) neemt het risico op klachten toe.

5. Gecombineerde leefstijlinterventies

In de vorige paragrafen hebben we gekeken naar individuele leefstijlfactoren zoals voeding, beweging, slaap, stress en roken. Maar wat gebeurt er als je deze factoren combineert? Twee Nederlandse studies – Leef! met Reuma en Plants for Joints – deden dat. Wat leverde zo’n gecombineerde leefstijlinterventie op? En hoe sterk is het bewijs?

5.1 Leef! met Reuma

In 2021 startte het leefstijlprogramma Leef! met Reuma, ontwikkeld door Voeding Leeft en onderzocht door het Erasmus MC. Het programma richtte zich op mensen met onder andere reumatoïde artritis (88 deelnemers) en omvatte interventies op het gebied van voeding, beweging, ontspanning en slaap. De voeding bestond uit een mediterraans dieet, met veel onbewerkte voeding (Slingerland, 2024).

Het programma bestond uit een intensief deel van 3 maanden, gevolgd door een nazorgperiode van 21 maanden. Het leefstijlprogramma richtte zich op vier pijlers: voeding, beweging, ontspanning en slaap. Het voorgeschreven dieet was vergelijkbaar met het mediterraans dieet, met de nadruk op onbewerkte voedingsmiddelen (vooral groenten).
Uit de resultaten bleek dat deelnemers met RA na drie maanden minder ochtendstijfheid en slaapproblemen rapporteerden, en ook gewichtsverlies lieten zien. Deze positieve effecten hielden aan tot het eind van de follow-up (24 maanden), waarbij er verbeteringen bleven bestaan in pijn, ochtendstijfheid en slaapkwaliteit. Van deze verbeteringen overschreed de verbetering voor ochtendstijfheid de zogeheten MCID: de drempel voor een klinisch relevante verbetering.

Wat deze studie extra interessant maakt is dat de gemeten verbetering er na twee jaar nog steeds waren, terwijl de deelnemers maar drie maanden begeleiding kregen. Het programma lijkt dus een langdurige gedragsverandering te bewerkstelligen.

Er zijn echter ook enkele kanttekeningen: [1] de studie had geen controlegroep, wat de bewijskracht wat minder sterk maakt, en [2] ze bevatte geen ziekteactiviteitsmaat (zoals DAS28).

5.2. Plants for joints

Het Plants for Joints (PFJ)-programma onderzocht een gecombineerde leefstijlinterventie. De studie was een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek (RCT) met een controlegroep, en keek tevens naar ziekteactiviteit.

De interventie omvatte een vier maanden durend programma met groepsbijeenkomsten en begeleiding op het gebied van een volwaardig plantaardig dieet, beweging, stressmanagement en slaap (Walrabenstein, 2023, Wagenaar, 2024).

Bij mensen met RA leidde de interventie tot een klinisch relevante afname van de ziekteactiviteit (DAS28 -0,9 vergeleken met de controlegroep), die ook een jaar na afloop van de interventie behouden bleef. Bovendien zagen de deelnemers verbeteringen in ontstekingswaarden.

Een kanttekening bij deze studie is dat de daling in ziekteactiviteit (DAS28) vooral bestond uit subjectieve verbeteringen zoals minder pijn en een betere ervaren gezondheid, terwijl de objectieve componenten – met name het aantal gezwollen gewrichten en ontstekingswaarden – minder sterk of niet significant verbeterden.

6. Conclusies

Hoewel medicatie essentieel blijft in de behandeling van reumatoïde artritis, laat onderzoek zien dat leefstijlfactoren een cruciale rol spelen – zowel bij het ontstaan als bij het beloop van de ziekte.

Het onderzoek naar leefstijl bij RA toont aan dat het aanmeten van een gezondere leefstijl effectief is. Programma’s zoals Plants for Joints en Leef! met Reuma laten zien dat een aanpak met aandacht voor voeding, beweging, stressmanagement en slaap tot klinisch relevante verbeteringen kan leiden in ziekteactiviteit, ontstekingswaarden en ervaren klachten.

Specifiek blijkt het volgende te helpen:

  • Een gezond gewicht nastreven
  • Gezonde voeding (rijk aan omega 3, groenten, fruit en vezels) gebruiken
  • Regelmatig bewegen (150 minuten per week matige inspanning plus tweemaal per week krachttraining)
  • Stressreductie door ontspanningstechnieken
  • Een goede slaaphygiëne
  • Stoppen met roken.

Voor mensen met RA biedt dit perspectief: naast medicatie hebben zij zelf invloed op het ziekteverloop. Door bewuste leefstijlkeuzes kunnen zij hun klachten verminderen, hun algehele gezondheid verbeteren en mogelijk zelfs de effectiviteit van medicatie vergroten.

Veelgestelde vragen (FAQ)

Hoe kan ik mijn leefstijl aanpassen om reuma te verbeteren?

Een gezonde leefstijl kan RA-symptomen verminderen door te focussen op: gezond gewicht, gezonde voeding, regelmatige beweging, stressreductie, goede slaap en stoppen met roken. Nederlandse leefstijlprogramma’s zoals Leef! met Reuma en Plants for Joints tonen aan dat deze aanpak effectief is bij het verminderen van pijn, stijfheid en ziekteactiviteit.

Welke voeding is goed bij reumatoïde artritis?

Bij RA is een voedingspatroon rijk aan omega 3-vetzuren (zoals in vette vis), groenten, fruit en vezels het meest effectief. Omega 3-supplementen hebben de sterkste bewijskracht voor het verminderen van pijn, ochtendstijfheid en ontstekingen. Ook het mediterrane dieet toont positieve resultaten. Vasten kan tijdelijk symptomen verbeteren, terwijl bij een veganistisch dieet de resultaten tegenstrijdig zijn.

Kan reumatoïde artritis volledig genezen worden?

Volledige genezing is zeldzaam; slechts 10-20 procent van de patiënten bereikt duurzame remissie waarbij alle medicatie gestopt kan worden. Bij 80-90 procent van de mensen blijft continue behandeling noodzakelijk. Wel kunnen leefstijlaanpassingen naast medicatie de symptomen aanzienlijk verminderen, ook wanneer de gewrichtsontstekingen onder controle zijn.

Helpt beweging bij het verminderen van reumapijn?

Ja, regelmatige beweging is bewezen effectief bij het verminderen van pijn, vermoeidheid en bewegingsbeperkingen bij reuma. De aanbeveling is minimaal 150 minuten per week wandelen of fietsen, plus tweemaal per week spierversterkende oefeningen. Beweging is veilig bij reuma en het is nooit te laat om ermee te beginnen. Mensen die regelmatig bewegen hebben bovendien 35 procent minder kans om RA te ontwikkelen.

Wat is de invloed van stress op reumatoïde artritis?

Stress heeft een sterk negatief effect op reuma. Chronische stress en negatieve emoties kunnen klachten zoals pijn, vermoeidheid en bewegingsbeperkingen versterken. Mensen met PTSD-symptomen hebben zelfs 76 procent meer risico op het ontwikkelen van RA. Psychologische interventies zoals stressmanagement, cognitieve gedragstherapie, mindfulness en groepstherapie kunnen effectief pijn, vermoeidheid en stress verminderen en het algemeen welzijn verbeteren.

Wat is het effect van stoppen met roken op reuma?

Roken is een belangrijke risicofactor voor RA en verklaart 20-25 procent van alle gevallen. Stoppen met roken vermindert de ziekteactiviteit, verbetert de werking van medicijnen en vermindert bijkomende gezondheidsproblemen. Het risico op RA daalt geleidelijk na het stoppen; na 20-30 jaar niet-roken is het risico weer vergelijkbaar met dat van mensen die nooit gerookt hebben.

Helpt afvallen bij reumatoïde artritis?

Ja, gewichtsverlies kan symptomen zoals pijn, ontstekingen en vermoeidheid aanzienlijk verminderen. Mensen met overgewicht of obesitas hebben een 25 procent verhoogd risico op RA en reageren minder goed op medicijnen. Ook bereiken zij minder vaak langdurige remissie. Een gezond gewicht nastreven is daarom een belangrijk onderdeel van de behandeling.

Is een mediterraan dieet goed bij reuma?

Het mediterrane dieet toont veelbelovende resultaten bij RA, vooral als aanvulling op de reguliere behandeling. Onderzoek wijst op verbeteringen in pijn, fysieke functie en ochtendstijfheid. De Nederlandse leefstijlprogramma’s zoals Leef! met Reuma die een mediterraan dieet voorschrijven met nadruk op onbewerkte voedingsmiddelen (vooral groenten), laten langdurige positieve effecten zien op pijn en stijfheid.

25 wetenschappelijke bronnen
  1. Arkema, E. V., Hart, J. E., Bertrand, K. A., Laden, F., Grodstein, F., Rosner, B. A., Karlson, E. W., & Costenbader, K. H. (2013). Exposure to ultraviolet-B and risk of developing rheumatoid arthritis among women in the Nurses’ Health Study. Annals of Rheumatic Diseases, 72 (4), 506–511 DOI
  2. GBD 2021 Rheumatoid Arthritis Collaborators. (2023). Global, regional, and national burden of rheumatoid arthritis, 1990-2020, and projections to 2050: A systematic analysis of the Global Burden of Disease Study 2021. Lancet Rheumatology, 5 (10), e594–e610 DOI
  3. Di Giuseppe, D., Bottai, M., Askling, J., & Wolk, A. (2015). Physical activity and risk of rheumatoid arthritis in women: A population-based prospective study. Arthritis Research & Therapy, 17 (1), 40 DOI
  4. Gioxari, A., Kaliora, A. C., Marantidou, F., & Panagiotakos, D. P. (2018). Intake of ω-3 polyunsaturated fatty acids in patients with rheumatoid arthritis: A systematic review and meta-analysis. Nutrition, 45 , 114–124.e4 DOI
  5. Grabovac, I., Haider, S., Berner, C., Lamprecht, T., Fenzl, K.-H., Erlacher, L., Quittan, M., & Dorner, T. E. (2018). Sleep quality in patients with rheumatoid arthritis and associations with pain, disability, disease duration, and activity. Journal of Clinical Medicine, 7 (10), 336 DOI
  6. Gwinnutt, J. M., Wieczorek, M., Balanescu, A., Bischoff-Ferrari, H. A., Boonen, A., Cavalli, G., de Souza, S., de Thurah, A., Dorner, T. E., Moe, R. H., Putrik, P., Rodrigues, A. M., Silva-Fernández, L., Stamm, T. A., Walker-Bone, K., Welling, J., Zlatkovic-Svenda, M. I., Guillemin, F., & Verstappen, S. M. M. (2023). 2021 EULAR recommendations regarding lifestyle behaviours and work participation to prevent progression of rheumatic and musculoskeletal diseases. Annals of Rheumatic Diseases, 82 (1), 48–56 DOI
  7. Hagen, K. B., Byfuglien, M. G., Falzon, L., Olsen, S. U., & Smedslund, G. (2009). Dietary interventions for rheumatoid arthritis. Cochrane Database of Systematic Reviews, 1 , CD006400 DOI
  8. Hansen, B., Sánchez-Castro, M., Schintgen, L., Khakdan, A., Schneider, J. G., & Wilmes, P. (2025). The impact of fasting and caloric restriction on rheumatoid arthritis in humans: A narrative review. Clinical Nutrition, 44 (5), 25–38 DOI
  9. Klaasen, R., Wijbrandts, C. A., Gerlag, D. M., & Tak, P. P. (2011). Body mass index and clinical response to infliximab in rheumatoid arthritis. Arthritis & Rheumatism, 63 (2), 359–364 DOI
  10. Lee, Y. C., Agnew-Blais, J., Malspeis, S., Keyes, K., Costenbader, K., Kubzansky, L. D., Roberts, A. L., Koenen, K. C., & Karlson, E. W. (2016). Posttraumatic stress disorder and risk for incident rheumatoid arthritis. Arthritis Care & Research, 68 (3), 292–298 DOI
  11. Lu, B., Hiraki, L. T., Sparks, J. A., Malspeis, S., Chen, C.-Y., Awosogba, J. A., Arkema, E. V., Costenbader, K. H., & Karlson, E. W. (2014). Being overweight or obese and risk of developing rheumatoid arthritis among women: A prospective cohort study. Annals of Rheumatic Diseases, 73 (11), 1914–1922 DOI
  12. Liu, B., Qian, Y., Lin, H., Zhao, S., Ying, J., Chen, W., Luo, P., Li, J., Sun, X., He, Z., Ye, D., & Mao, Y. (2024). Sleep pattern, genetic risk, and the risk of incident rheumatoid arthritis: A cohort study. Sleep Health, 10 (6), 635–642 DOI
  13. Metsios, G. S., Stavropoulos-Kalinoglou, A., & Kitas, G. D. (2015). The role of exercise in the management of rheumatoid arthritis. Expert Review of Clinical Immunology, 11 (10), 1121–1130 DOI
  14. Nagy, Z., Szigedi, E., Takács, S., & Császár-Nagy, N. (2023). The effectiveness of psychological interventions for rheumatoid arthritis (RA): A systematic review and meta-analysis. Life, 13 (3), 849 DOI
  15. Philippou, E., Petersson, S. D., Rodomar, C., & Nikiphorou, E. (2021). Rheumatoid arthritis and dietary interventions: Systematic review of clinical trials. Nutrition Reviews, 79 (4), 410–428 DOI
  16. Qin, B., Yang, M., Fu, H., Ma, N., Wei, T., Tang, Q., Hu, Z., Liang, Y., Yang, Z., & Zhong, R. (2015). Body mass index and the risk of rheumatoid arthritis: A systematic review and dose-response meta-analysis. Arthritis Research & Therapy, 17 (1), 86 DOI
  17. Romão, V. C., & Fonseca, J. E. (2021). Etiology and risk factors for rheumatoid arthritis: A state-of-the-art review. Frontiers in Medicine, 8 , 689698 DOI
  18. Saevarsdottir, S., Wedrén, S., Seddighzadeh, M., Bengtsson, C., Wesley, A., Lindblad, S., Askling, J., Alfredsson, L., & Klareskog, L. (2011). Patients with early rheumatoid arthritis who smoke are less likely to respond to treatment with methotrexate and tumor necrosis factor inhibitors: Observations from the Epidemiological Investigation of Rheumatoid Arthritis and the Swedish Rheumatology Register cohorts. Arthritis & Rheumatism, 63 (1), 26–36 DOI
  19. Schulman, E., Bartlett, S. J., Schieir, O., Andersen, K. M., Boire, G., Pope, J. E., Hitchon, C., Jamal, S., Thorne, J. C., Tin, D., Keystone, E. C., Haraoui, B., Goodman, S. M., & Bykerk, V. P. (2018). Overweight, obesity, and the likelihood of achieving sustained remission in early rheumatoid arthritis: Results from a multicenter prospective cohort study. Arthritis Care & Research, 70 (8), 1185–1191 DOI
  20. Singh, S., Facciorusso, A., Singh, A. G., Vande Casteele, N., Zarrinpar, A., Prokop, L. J., Grunvald, E. L., Curtis, J. R., & Sandborn, W. J. (2018). Obesity and response to anti-tumor necrosis factor-α agents in patients with select immune-mediated inflammatory diseases: A systematic review and meta-analysis. PLOS ONE, 13 (5), e0195123 DOI
  21. Slingerland, K. van, Kranenburg, L. J. C., Wilmsen, N., Coles, E., Dolhain, R. J. E. M., & de Jong, P. H. P. (2025). The impact of an online, lifestyle intervention programme on the lives of patients with a rheumatic and musculoskeletal disease: A pilot study. Rheumatology, 64 (6), 3309–3318 DOI
  22. Tang, N. K. Y., Lereya, S. T., Boulton, H., Miller, M. A., Wolke, D., & Cappuccio, F. P. (2015). Nonpharmacological treatments of insomnia for long-term painful conditions: A systematic review and meta-analysis of patient-reported outcomes in randomized controlled trials. Sleep, 38 (11), 1751–1764 DOI
  23. Verstappen, M., van Mulligen, E., de Jong, P. H. P., & van der Helm-Van Mil, A. H. M. (2020). DMARD-free remission as novel treatment target in rheumatoid arthritis: A systematic literature review of achievability and sustainability. RMD Open, 6 (1), e001220 DOI
  24. Wagenaar, C. A., Walrabenstein, W., van der Leeden, M., Turkstra, F., Gerritsen, M., Twisk, J. W. R., Boers, M., van der Esch, M., van Middendorp, H., Weijs, P. J. M., & van Schaardenburg, D. (2024). Long-term effectiveness of a lifestyle intervention for rheumatoid arthritis and osteoarthritis: 1-year follow-up of the ‘Plants for Joints’ randomised clinical trial. RMD Open, 10 (1), e004025 DOI
  25. Walrabenstein, W., Wagenaar, C. A., van der Leeden, M., Turkstra, F., Twisk, J. W. R., Boers, M., van Middendorp, H., Weijs, P. J. M., & van Schaardenburg, D. (2023). A multidisciplinary lifestyle program for rheumatoid arthritis: The ‘Plants for Joints’ randomized controlled trial. Rheumatology, 62 (8), 2683–2691 DOI
grip-op-reumaSupportgroep

Grip op reuma

Supportgroep waar deelnemers ervaringen delen over leefstijl bij reuma.

Word lid van de groep
21.000+ lezers

Nieuwsbrief

Elke maand iets gezonds in je inbox.

Auteur

Jaap Versfelt
Jaap Versfelt

Directeur-bestuurder

Medisch gereviewd door
Pascal de Jong
Pascal de Jong

Principal investigator en reumatoloog, Erasmus MC

Gerelateerde artikelen

Leefstijlpijler OntspanningArtikel

Leefstijlpijler Ontspanning

Als we het hebben over een gezonde leefstijl mag de aandacht voor ontspanning niet ontbreken. Ontspannen is belangrijk om de balans met inspannen te houden.

Lees meer